Verzekeringsfraude

Verzekeringsfraude is het op een bewuste manier misleiden van een verzekeraar. Dat kan op verschillende manieren. De meest bekende vormen van verzekeringsfraude komen voor bij het aanvragen van een verzekering en bij het indienen van schadeclaims.

Bij het aanvragen van een verzekering kunnen mensen onjuiste gegevens invullen om op die manier onder gunstigere polisvoorwaarden of tegen een lagere premie verzekerd worden dan wanneer er een juiste weergave van de feiten werd gegeven. Daarnaast wordt er ook gefraudeerd bij het indienen van schadeclaims. De verzekerde geeft dan onjuiste informatie bij het indienen van de schadeclaim, zodat de verzekeraar meer uitkeert dan in werkelijkheid nodig is.

Niet alleen verzekeringnemers frauderen, maar ook zorgverleners bijvoorbeeld. Deze declareren behandelingen bijvoorbeeld dubbel. Schadeherstelbedrijven claimen geld voor niet-uitgevoerde reparaties en bedrijfseigenaren steken bedrijfspand opzettelijk in de fik.

 

Consumentenfraude kan in grote lijnen als volgt worden onderscheden:

  • Majoreren: het met het opzet meer schade claimen dan daadwerkelijk is geleden
  • Fingeren: doen alsof er schade is voorgevallen die onder de polisvoorwaarden (dekking) valt
  • Ensceneren: het opzettelijk veroorzaken van schade zodat een uitkering wordt ontvangen.
  • Niet voldoen aan de mededelingsplicht: het aanvragen of afsluiten van een verzekering door onjuiste gegevens te verstrekken aan de verzekeraar.

 

12% van de Nederlanders fraudeert met verzekeringen. Dat komt neer op ruim 900 miljoen euro die verzekeraars per jaar verliezen. Daardoor stijgen de premies onnodig voor

goedwillende consumenten. Daarom doen verzekeringsmaatschappijen er alles aan om fraude op te sporen.  Als er sprake is van fraude melden ze dit bij het Verbond van Verzekeraars. Het Verbond van Verzekeraars heeft een speciale afdeling het Centrum Bestrijding Verzekeringsfraude (CBV) dat zich bezighoudt met een overkoepelende aanpak van verzekeringsfraude. Deze meld fraude bij het fraudemeldpunt van Justitie. Meestal krijgen verzekeringsfraudeurs van het openbare ministerie, de instantie die o.a. verantwoordelijk is voor het opsporen en vervolgen van misdrijven, een schikkingsvoorstel. Een schikkingsvoorstel houdt in dat de verzekeringsfraudeur en het openbare ministerie een afspraak maken om een rechtszaak te voorkomen. Doorgaans is dit een financiële straf (boete) die de fraudeur aan de verzekeraar in kwestie moet betalen. Deze boete kan tot 3.000 euro oplopen. Als de fraudeur hier niet mee instemt, komt er alsnog een rechtszaak.

De verzekeringsmaatschappij mag de verzekeringsovereenkomst opzeggen als er bij het afsluiten van een verzekering onjuiste gegevens zijn afgegeven. Als de verzekerde bij het indienen van een schadeclaim ‘liegt’ hoeft de verzekeraar als straf geen uitkering te doen.