Pensioensystemen

Pensioensystemen

Niet iedereen bouwt op dezelfde wijze pensioen op. Afhankelijk van het pensioensysteem dat, als u in loondienst bent, uw werkgever hanteert bouwt u uw pensioen op. Leningen-Verzekeringenmaakt het overzichtelijk voor u!

Pensioensystemen

Een pensioentoezegging houdt in dat een werkgever tegen zijn werknemer zegt dat hij later een pensioen krijgt. Hoe hoog is dat pensioen? De hoogte van het pensioen hangt samen met het salaris en met het aantal dienstjaren. Daarnaast hangt de hoogte van het ouderdomspensioen af van de wijze waarop dit wordt opgebouwd.

Sinds de invoering van de Wet Fiscale behandeling van pensioenen op 1 juli 1996 zijn er, overgangsregelingen daargelaten, drie pensioensystemen:

• opbouw volgens een eindloonregeling;
• opbouw volgens een middelloonregeling;
• opbouw volgens een beschikbare premieregeling

Alvorens we de drie pensioensystemen middels een voorbeeld behandelen volgt hier enige achtergrond informatie:de eindloonregeling en de middelloonregeling zijn salaris-/diensttijdregelingen. Dat wil zeggen, dat er een pensioenbedrag in euro’s voor later berekend wordt op basis van het salaris per dienstjaar en het aantal dienstjaren. Bij eindloon wordt hierbij uitgegaan van het laatst verdiende salaris waarover pensioen wordt opgebouwd over de gehele diensttijd, zodat idealiter 70% van het laatst verdiende salaris aan ouderdomspensioen wordt gehaald. Bij een middelloonregeling wordt elk jaar opgebouwd over het dan geldende salaris, zodat uiteindelijk een ouderdomspensioen ontstaat dat gebaseerd is op een gewogen gemiddelde van alle salarissen over de gehele diensttijd. Bij salaris-/diensttijdregelingen bestaat de pensioentoezegging uit de periodieke uitkering die de werknemer later krijgt. Bij een beschikbaar premiestelsel is er geen pensioenuitkering voor later die berekend wordt. De toezegging bestaat niet uit het pensioen dat later verkregen wordt, maar uit de beschikbare premie. Afhankelijk van de hoogte van de premie en de rendementen die behaald worden, wordt een pensioenkapitaal opgebouwd. Op de einddatum wordt van dit pensioenkapitaal een levenslang ouderdomspensioen (pensioenuitkering) aangekocht.

De pensioensystemen (opbouwsystemen) worden aan de hand van een “centraal” voorbeeld toegelicht.

Centraal voorbeeld

Wij volgen de heer Jansen. De heer Jansen gaat op 25-jarige leeftijd in dienst bij Hengel B.V. Hij begint daar met een salaris van € 25.000,00 bruto op jaarbasis. Het salaris stijgt om de tien jaar met € 5.000,00. Hij verdient dus vanaf zijn 35ste € 30.000,00. Vanaf zijn 45ste verdient hij € 35.000,00 en vanaf zijn 55ste tot zijn 65ste € 40.000,00 bruto per jaar.

Hij krijgt van zijn werkgever een pensioen toegezegd. De pensioenleeftijd is 65 jaar. Zijn werkgever vertelt hem dat zijn pensioen wordt opgebouwd over de pensioengrondslag. Het woord zegt het al: de “pensioengrondslag” is de grondslag voor de berekening van het pensioen (bij eindloon of middelloon) of de beschikbare pensioenpremie (bij een beschikbaar premiestelsel).

De pensioengrondslag is het pensioengevend salaris minus de AOW-franchise. Het pensioengevend salaris is eenvoudig de optelsom van alle loonbestanddelen die meetellen voor de opbouw van het pensioen. Normaliter is dit het vaste bruto jaarsalaris inclusief vakantiegeld, maar in beginsel mogen ook variabele inkomensbestanddelen meetellen, zoals bonussen. De auto van de zaak mag niet meetellen.

Hoe zit het nu met die “AOW-franchise?
Uitgangspunt van een goed pensioen is vaak 70% van het (laatst verdiende) salaris. Deze 70% bestaat in een ideale situatie uit AOW en werkgeverspensioen. Voor de opbouw van het werkgeverspensioen betekent dit dat er van het salaris de AOW afgehaald wordt. Men krijgt immers al AOW als men 65 is. Men bouwt dus werkgeverspensioen op over salaris minus AOW. Het bedrag dat in mindering gebracht wordt, noemen we de AOW Franchise.

In berekening ziet het er als volgt uit: salaris € 40.000, AOW franchise € 15.000.
40.000 – 15.000 = 25.000. Over het bedrag van € 25.000 wordt pensioen opgebouwd, dit noemen we de pensioengrondslag. De AOW franchise hierboven wordt gesteld op € 15.000; dit is echter een voorbeeld. De AOW franchise is afhankelijk van het pensioenfonds en daardoor vaak verschillend. U kunt de AOW franchise vinden in het pensioencompendium en in uw pensioenoverzicht.

In dit voorbeeld van de heer Jansen gaan wij ervan uit dat hij begint met een AOW-franchise van € 15.000,00. Zijn pensioengrondslag bedraagt daarom in het eerste jaar € 10.000,00. De franchise stijgt niet meer in de toekomst (voorbeeld). Hij heeft daarom de volgende pensioengrondslagen:

–  van zijn 25ste tot zijn 35ste €  10.000,00
–  van zijn 35ste tot zijn 45ste €  15.000,00
–  van zijn 45ste tot zijn 55ste  €  20.000,00
–  van zijn 55ste tot zijn 65ste €  25.000,00

Eindloonregeling

In een eindloonregeling berekent u het ouderdomspensioen volgens de formule:
OP = PG x opbouw% x dt

Hierin staat “PG” voor pensioengrondslag, waarbij dat in het geval van een eindloonregeling de laatste pensioengrondslag is.
“opbouw%” staat voor opbouwpercentage. In dit voorbeeld is dat 1,75% per jaar. “dt” staat voor diensttijd en “PG” staat voor pensioengrondslag.

Meneer Jansen bouwt dus in 40 jaar het volgende ouderdomspensioen op:
OP = 25.000 * 1,75% * 40 = € 17.500,00

Een vraag: welk ouderdomspensioen heeft de heer Jansen op zijn 40ste opgebouwd? Tot zijn 40ste heeft hij 15 jaar pensioen opgebouwd. Zijn laatste pensioengrondslag op dat moment is € 15.000,00. Dus hij heeft op zijn 40ste opgebouwd:
Opgebouwd OP = 15 * 1,75% * 15.000 = € 3.937,50

Een vraag: wat is zijn pensioenvooruitzicht op zijn 40ste? Een pensioenvooruitzicht is het ouderdomspensioen dat iemand kan halen als hij tot de pensioenleeftijd bij dezelfde werkgever blijft werken. Op zijn 40ste weet hij nog niet wat hij op zijn 65ste als laatste pensioengrondslag heeft. Daarom wordt bij de berekening van een pensioenvooruitzicht altijd uitgegaan van het op dat moment bekende salaris en de op dat moment bekende pensioengrondslag. Het pensioenvooruitzicht is dan:
OP = 40 * 1,75% * € 15.000,00 = € 10.500,00

De begrippen “opgebouwd ouderdomspensioen” en “pensioenvooruitzicht” (ook wel “te behalen ouderdomspensioen” of eenvoudig “ouderdomspensioen” zonder verdere toelichting) treft u vaak op pensioenopgaven aan. Een pensioenopgave is een overzicht dat door het pensioenfonds of de verzekeraar jaarlijks wordt verstrekt en waarop dit soort bedragen staan aangegeven.

Een ander begrip dat u vaak hoort wanneer over eindloonregelingen wordt gesproken is: backservice. Backservice kan als volgt uitgelegd worden:
Hierboven zag u dat de heer Jansen op zijn 40ste € 3.937,50 ouderdomspensioen heeft opgebouwd. Als hij op dat moment zou stoppen met werken zou hij vanaf zijn 65ste € 3.937,50 bruto per jaar ontvangen. Hij werkt echter door en bouwt in 40 jaar een OP van € 17.500,00 op, doordat hij per dienstjaar 1,75% van € 25.000,00 opbouwt. De eerste 15 jaar heeft hij dus 15 * 1,75% * € 25.000,00 = € 6.562,50 opgebouwd. Het verschil tussen € 6.562,50 en € 3.937,50 is € 2.625,00 en wordt backservice genoemd. De backservice komt tot stand, doordat bij een salarisverhoging alsnog over de achterliggende jaren extra pensioen opgebouwd moet worden. De eindloonregeling is hierdoor voor de werkgever duur. Veel werkgevers kiezen dan ook voor een middelloonregeling.

Middelloonregeling

In een middelloonregeling wordt elk jaar een stukje ouderdomspensioen opgebouwd over de dan geldende pensioengrondslag. Dus elk jaar wordt opgebouwd:
Pensioenopbouw per jaar = opbouw% * PG

Al deze stukjes opgebouwd pensioen worden bij elkaar opgeteld en vormen tezamen het ouderdomspensioen.

De heer Jansen bouwt in 40 jaar het volgende ouderdomspensioen op:

– van zijn 25ste tot zijn 35ste 10 * 1,75% * € 10.000 = €   1.750,00
– van zijn 35ste tot zijn 45ste  10 * 1,75% * € 15.000 = €   2.625,00
– van zijn 45ste tot zijn 55ste 10 * 1,75% * € 20.000 = €   3.500,00
– van zijn 55ste tot zijn 65ste 10 * 1,75% * € 25.000 =  €   4.375,00
___________ +

Totaal ouderdomspensioen vanaf 65 jaar   € 12.250,00

Op zijn 40ste heeft de heer Jansen het volgende ouderdomspensioen opgebouwd:
Opgebouwd OP = € 1.750,00 + 5 * 1,75% * 15.000 = € 3.062,50

Op zijn 40ste is zijn pensioenvooruitzicht:
OP = € 3.062,50 + 25 * 1,75% * 15.000 = € 9.625,00

Beschikbaar premiestelsel

Bij een beschikbaar premiestelsel is de pensioentoezegging gelijk aan de beschikbare premie. De hoogte van de beschikbare premie wordt berekend door een percentage te nemen van de pensioengrondslag. (In de praktijk ziet u ook nog wel eens dat een percentage van het salaris als uitgangspunt wordt genomen.)